President Poetin heeft een probleem. Nog maar een paar dagen nadat hij zijn oude baan weer heroverd heeft na een frauduleus verkiezingscircus, blijk het straatprotest tegen zijn bewind hardnekkig, creatief en voor de autoriteiten lastig te onderdrukken. Het gaat (nog?) niet om hele grote aantallen. Maar het gaat wel om iets dat vonkjes verspreidt, vrolijke onrust schept en het bewind van hinderlijk tegenspel voorziet. Degenen die zich al berustend hebben neergelegd bij een verlenging van Poetins bewind tot mogelijk 2024 zijn vermoedelijk veel te pessimistisch. Vanmiddag (red. vrijdag 11 mei) werd zelfs bekend dat 200 actievoerders tenten hebben opgezet, als protest tegen Poetin en tegen het oppakken van aanvoerders van eerder protest. Een vleugje Occupy in de straten van Moskou? Het heeft er iets van weg.

De gebeurtenissen wijzen erop dat de berusting, die bij eerdere frauduleus verlopen Poetin-verkiezingen de houding van mensen kenmerkte, deze keer door flink wat mensen van zich is afgeschud. Mensen hebben geen concreet moment als aanknopingspunt meer voor protest. Ze kunnen niet meer tegen de kandidaatstelling van Poetin protesteren, of tegen de verkiezing zelf, of tegen Poetins inhuldiging. Die zijn allemaal achter de rug. Dat mensen toch de straat op blijven gaan, tekent de diepte van de afkeer en de vasthoudendheid van actievoerders. Er is werkelijk iets veranderd in Rusland, de afgelopen maanden, iets ten goede.

Tussen de verkiezingen zelf en de inhuldiging van afgelopen zondag was er ook van protest sprake, maar ze waren aanzienlijk kleiner dan de voorafgaande maanden toen herhaaldelijk rond de 100.000 mensen protesteerden. Een greep. Op 10 maart betoogden nog tussen de 10.000 (politiecijfer) en 25.000 (oppositiecijfer) mensen tegen Poetins overwinning. Er waren 2.500 agenten op de been, en oproerpolitie weerhield een kleine groep demonstranten hardhandig van een optocht verder de binnenstad in. Op 31 maart en 1 april waren er kleinere protestacties. Een paar honderd mensen, voorzien van de witte linten die inmiddels gangbaar protestsymbool tegen Poetin zijn geworden, probeerden op 1 april te protesteren op het Rode Plein. Dat was “ongeoorloofd demonstreren”, vond het gezag, en 55 mensen werden gearresteerd. De dag ervoor waren bij geestverwante acties ook al mensen opgepakt: 60 in Moskou, 15 in St Petersburg. Leus op het protest: “Vrijheid van Samenkomst: Altijd en Overal”. Maar die vrijheid tolereert de politie in Rusland al evenmin als de politie in Amsterdam.

Protesten bleven dus plaatsvinden, maar hadden toch iets ritueels, met aanvankelijk een samenkomst van betogers, gevolgd door een optocht van een deel van hen naar een plek waar de politie het niet accepteerde, een handvol arrestaties, onder meer van prominent activist Oedaltsov. Het was een min of meer vast patroon aan het worden. Belangrijk daarbij is dat er een zekere speelruimte voor demonstranten was ontstaan: de repressie bleef aanzienlijk, maar toch veel minder totaal dan nog maar enkele jaren terug. Was Poetin niet meer bang nu hij het presidentschap terug had? Of kon hij het gezichtsverlies dat met al te grof politiegeweld gepaard kan gaan, niet gebruiken?

Poetins greep op de macht blijkt op andere plekken sowieso niet langer zo groot als in zijn Goede Oude Tijd. Zo moest een aanhanger van hem op 2 april een flinke nederlaag incasseren bij een burgemeestersverkiezing in de stad Jaroslav. Daar stond namens de regeringspartij Verenigd Rusland een zekere Jakov Jakoesjev kandidaat. De man werd door de governeur van het gebied gesteund, en ook door de vertrekkende burgemeester. Uitslag van de tweede, beslissende, stemronde: 27,8 procent voor Jakoesjev, 68,7 procent voor de kandidaat van de oppositie. Het wekt minstens de indruk dat mensen die een serieuze kans krijgen om zich tegen de zittende macht uit te spreken, dat ook doen. En het wijst erop dat de zittende macht dat niet meer met al te opzichtige fraude en machtsmisbruik onder het tapijt veegt. Rusland is bezig een ‘gewoon’ land te worden, met ‘gewone’ verkiezingen, ‘gewone’ carrièrepolitici, ‘gewone’ corruptie en ‘gewoon’ politiegeweld. Nog altijd verwerpelijk en het bestrijden meer dan waard. Maar toch een verademing vergeleken bij het vrijwel volledig als dictatuur geregeerde Rusland van nog niet heel veel jaren – zelfs maanden – terug. En het zijn wel degelijk de straatprotesten van de afgelopen zes maanden die aan deze veranderingen ten goede – in de richting van meer vrijheid en minder onderdrukking – hebben bijgedragen.

Maar intussen zit de Russische maatschappij nog wel met de once and future president, Poetin, opgescheept. Berusting was de houding van sommigen, nu al het protest dat niet had weten te voorkomen. Voor veel anderen gaat de strijd echter nu juist gewoon door. Precies dát blijkt de afgelopen vijf dagen in zeer ongewone protesten. De aftrap verliep nog volgens een inmiddels bijna gebruikelijk patroon. Op de dag van Poetins inhuldiging, zondag 6 mei, demonstreerden weer flinke aantallen mensen tegen hem: NRC-correspondent Krielaarts: Er zijn veel meer mensen op de been dan verwacht. Iedereen ging er van uit dat er zo’n tienduizend mensen op de been zouden zijn, maar ik schat dat het er zeker zeventigduizend zijn.” Het draaide op stevige vechtpartijen uit, toen de politie de vrijwel traditionele kleinere afsplitsing van de demonstranten aanviel. Ettelijke honderden mensen, waaronder kopstuken van de oppositie, werden opgepakt. En dat was dan weer dat. Business as usual in de straten van de Russische hoofdstad op hoogtijdagen als deze…

De dagen erop bleek dat actievoerders uit het traditionele protestpatroon waren gebroken. Op 8 mei berichtte NRC-correspondent Krielaars op zijn blog over groepjes actievoerders die, voorzien van linten maar veelal zonder nadrukkelijk leuzen te roepen, her en der bijeenkwamen in kleinschalig straatprotest. Zo zat er een groepje van een paar honderd op het Oude Plein, dichtbij het gebouw waar de staf van de president zetelde. Dit soort dingen was al op de dag van de inhuldiging begonnen. Voor politie was het dragen van een wit lint vaak al voldoende om tot aanhouding over te gaan. Maar mensen bleven meestal niet lang vastzitten, na een “correctief gesprek” kwamen ze weer vrij. En de acties gingen door, ononderbroken. Het betreft hier veelal jonge mensen, niet voornamelijk de traditionele achterban van vaak nationalistische leiders als de inmiddels prominente blogger/ protestleider Navalny die er wel weer bij was en gearresteerd werd.

Krielaars laat een deelneemster aan het woord over het protest: “elke keer als we demonstreren, geven we de machthebbers een klap, en dat vinden ze niet leuk. Er groeit nu een nieuwe generatie op die anders tegen het leven aankijkt dan onze ouders. Ze willen een bedrijfje oprichten zonder aan de corruptie mee te hoeven doen.” De vrijheidsdrang is duidelijk, het gevoel tot een nieuwe generatie te behoren eveneens. En wie in de aandrang om een eigen bedrijfje op te richten voornamelijk verwerpelijke commerciële ambitie ziet, miskent naar mijn gevoel het onderliggende verlangen: iets van je zèlf, en níét van staat of andere giga-machten waar je geen vat op hebt.

Vrijheidsdrang, een nieuwe jongerenbeweging, de straat met directe vreedzame actie tot vrijplaats maken, al is het maar even, het heeft een enorme sixties-feel. Dat ziet ook Volkskrant-correspondent Arnout Brouwers, die een stuk wijdt aan de “nieuwe protestvorm”, namelijk de “Russische wandeling” . Blogger/ protestleider Navalny gaf afgelopen maandag een soort aftrap, aanvankelijk moest het kennelijk een sit-in worden maar de politie verhinderde een permanent samenkomen op één plek en reageerde kennelijk allergisch op pogingen tenten op te zetten. Dus werd er gelopen. Gewandeld. “Het protest is 24/7 vreedzaam – en het gaat nog steeds door”, scheerf Brouwers afgelopen woensdag. Aanhoudingen, vrijlatingen, andere groepjes die elders alweer bezig zijn. Zowel Navalny als een andere oppositieleider, de zich links profilerende Oedaltsov. Ze kregen 15 dagen cel wegens “ongehoorzaamheid tegen de politie”. Kwalijk maar toch ook weer niet afschrikwekkend genoeg om het aanstekelijke protest te breken.

En aanstekelijk was het protest. “De sfeer vat niet anders te omschrijven dan die van een heuse happening, inclusief de vrede-op-aarde-sfeer, acts of random kindness en groepsgezang. Water en koekjes werden uitgedeeld en iedereen ruimt zijn troep ook op. Wie zulke politieke manifestaties een jaar gelden had voorspeld, was naar een psychiatrische inrichting verwezen.” Brouwers verklapt ook het organisatorische geheim: “Het zelforganiserende potentieel van een groep mensen die wordt geleid door eenzelfde gedachte (Putin sucks) en verbonden door het internet, is schier onbegrensd.” Zelforganisatie, communicatie via internet – het is het horizontalisme dat we inmiddels kennen van Occupy, en uit de onder het etiket ‘Arabische lente’ bekende opstanden in Egypte, Tunesië en elders. Ook Rusland beleeft nu zijn horizontalistische protestbeweging, met de vrolijke anarchie die leeft in de straten van Moskou. “It’s the sixties in Russia, man”, schrijft Brouwers er nog bij.

Nee, het is nog geen enorme menigte die op deze manier protesteert. “Grote massa’s komen er nog niet op af, nooit meer dan duizend op enig moment (al staan er vanavond bij de Schone Vijvers al tweeduizend) maar het houdt de hoofdstedelijke politie druk bezig – en de Russische vrije media.” Actievoerders wisten zich zelfs bij een parade van Communisten (de officiële), deels oorlogsveteranen, te voegen met hun witte linten. Ook Oedaltsov nam een aantal aanhangers van hem mee naar die optocht die onder de neus van Poetin plaatsvond. “Het resultaat: voor het eerst weerklonken anti-Poetin leuzen binnen gehoorsafstand van het Kremlin. Want deze mars is heilig, daarbij blijft zelfs de politie op afstand.” Dat was op 9 mei. En vandaag is er dus toch ook een tentenkamp opgedoken in de hoofdstad. Nee, het is allemaal nog lang geen nieuwe revolutie in Rusland. Maar het is wel degelijk lente geworden in Moskou.

Dit stuk is eerder verschenen op de website Rooieravotr van Peter Storm.

Geef je op voor de dagelijkse Krapuul nieuwsbrief en mis niets