De democratie verkeert niet in een kleine crisis

Max van Weezel is een van die – destijds schijnbaar vele – studenten geweest die voor de enige echte partij voor alle werkende mensen koos. De kinderen van de bourgeoisie, ze spelen ze spelen, om met Joop Visser te zingen. Toen de CPN in 1977 vrijwel werd weggevaagd door haar veronderstelde achterban werden al die nieuwelingen plotseling “weer” democraat, “kritisch” ten aanzien van die partij en met een partijkaart van de PvdA kwam je ook stukken verder in het land der Behoorlijke Banen. Jeugd en De Waarheid ingeruild voor Vrij Nederland, alwaar Van Weezel al snel maatjes werd met iedereen die Iemand was in politiek Den Haag.

Hij is zo goed bevriend geweest met al die zich noemende politici, in feite hetzelfde netwerk voor de Behoorlijke Banen waar hij zelf deel van uitmaakt(e), dat het ook nu niet bij hem opkomt dat die lui in het geheel geen democraat zijn. Misschien waren huns gelijken het dertig, veertig jaar geleden wel, maar dezer dagen zijn er nauwelijks politici die de democratie serieus nemen. Democratie in de zin van het huidige parlementaire stelsel en de grondwettelijk vastgelegde opgelegde verdraagzaamheid. Nee, de parlementaire democratie zoals zij genoemd wordt is niet mijn ideaal maar beter hebben we niet vooralsnog. Of hadden we niet. Komaan zeg, je kunt iemand als Dijsselbloem toch werkelijk geen democraat noemen, met de manier waarop hij en de zijnen de Griekse regering tot slavendienst voor het Noordeuropese bankwezen heeft veroordeeld. Er zit in het huidige kabinet net zo min als in het voorgaande ook maar een democraat. Het afglijden naar het dictatendom van Markt en Bankwezen is geleidelijk maar gaandeweg snel gegaan.

Pied_piperDit is de toestand waarin de rattenvangers kunnen rondtoeteren dat de Staten-Generaal een nepparlement vormen, dat hun knokploegachtige achterban de ware Stem van het Volk is, die zij vertegenwoordigen. Uiteraard leiden zij de aandacht af van de officiële eredienst van de Markt, of beter nog “de markten” zoals het ter beurze heet. De “markten” die niet blij zijn met Jeremy Corbyn, Syriza, een eventuele linksgerichte coalitie in Portugal en meer. De “markten” die hun eigen opvatting vertegenwoordigen van “democratie” om met Wolfgang Streeck te redeneren, prominent spreker in het bevrijde Maagdenhuis eerder dit jaar. Een democratie die een nepdemocraat als Max van Weezel groot heeft gemaakt als parlementair journalist die nu Wilders de maat neemt. Nepdemocraat, omdat je geen vriendjes hoort te zijn met degenen wier werkzaamheden je kritisch zou moeten volgen.

De parallel tussen wat er nu aan de gang is in Nederland en elders en “de jaren dertig” wordt helaas steeds duidelijker. De zogeheten critici van de parlementaire democratie van wat in Nederland nog steeds “voor de oorlog” heet waren wel degelijk fascisten. Niet alleen de spreekwoordelijk demonische NSB. Of Wilders van huis uit antidemocraat is weet ik ook niet, het interesseert mij ook nauwelijks. De rol die hij speelt, als afleider van de kwesties waar het werkelijk om gaat, als mobilisator van de ook destijds door de CPN zo gekoesterde “gewone mensen”, de retoriek van verzet en nepparlement – hoe zou je het anders moeten kwalificeren? En het zijn al met al de politici, in dienst van “de markten”, die het fluitspel van deze rattenvanger overnemen, quasi-kritisch, quasi het-kan-wel-wat-minder maar toch ook zo heel bezorgd over integratie en terreurdreiging en wat voor riedels er verder mogen langskomen.

De kritiek van Wilders zal een kritiek van Dijsselbloem en alles waar deze man voor staat moeten zijn.
Wij doen ons best hier maar het is een nogal eenzame werkzaamheid waar ook de Van Weezels niet dankbaar voor zijn.