Vluchtelingen; de zoete inval van de Belgen

kamp zeist 1914-1918Je kunt er je hoofd over breken: waarom heeft Nederland in 2016 zoveel moeite met het opnemen van 50.000 vluchtelingen in een paar maanden tijd? Aan het aantal kan het niet liggen, het aantal vluchtelingen is zeer beperkt te noemen in vergelijking met het aantal dat Nederland meer dan 100 jaar geleden moest herbergen. Als de bombardementen op Antwerpen in volle gang zijn (7, 8 oktober 1914) en de val van België onafwendbaar, vluchten 1.000.000 (1 miljoen) Belgen naar Nederland, ze moeten stante pede voor kortere of langere tijd worden opgevangen.

Nederland had op dat moment 6,5 miljoen inwoners en daar kwamen dus nu 1 miljoen vreemdelingen bij. De Belgen werden veelal meteen doorgesluisd naar alle hoeken van het land, Provinciale Vluchtelingencomité’s organiseerden de opvang. Er werden in allerijl onderkomens geregeld in oa Bergen op Zoom, Roosendaal, Tilburg, Hontenisse, Baarle Nassau, Amsterdam, Scheveningen, Gouda, Veenhuizen.

Jean Gustave Schoup, de kleinzoon van een Belg die in Nederland is gebleven schrijft: Vanuit Roosendaal kwam bijvoorbeeld op 11 oktober 1914 in het dorp Veenendaal een treinlading van zo’n 1200 Belgen aan. Er was iets misgegaan. Voor 350 zielen was plaats aangekondigd, maar op die bewuste zaterdagavond moesten plotsklaps drie keer zoveel personen onderdak krijgen. Meteen al op de volgende dag werden noodgedwongen 500 vluchtelingen van Veenendaal naar Amersfoort getreind. Velen bleven echter.

Eind 1914 werden drie grote ‘vluchtoorden’ opgezet, van ‘kampen’ sprak men liever niet. In vluchtoord Nunspeet werden 7.000 Belgen opgevangen, In Uden eveneens 7.000, in Ede 5.500. De rest van de vluchtelingen waren verspreid over het land in kleinere opvangplekken of bij particulieren.
De meeste vluchtelingen keerden al snel terug naar België, maar er bleven er nog altijd 100.000 over, een aantal dat het dubbele is van de hoeveelheid die de afgelopen maanden is opgevangen in Nederland.

Waren er dan geen problemen? Jazeker, want die Belgen hadden toch ‘een andere cultuur’. Vooral in gebieden waar strenge protestanten het voor het zeggen hadden, werd gemopperd. Een mooi voorbeeld geeft MP Wielinga in zijn keuze van stukken uit De Bedumer, het orgaan van de Anti Revolutionaire Kiesvereniging te Bedum. In De Bedumer van 28 oktober 1914 schrijft de hoofdredacteur:
De meeste vluchtelingen zijn uit het grote Antwerpen gekomen. Nu past een grote stadsmens niet bij de plattelandsbewoner, al komt hij uit dezelfde provincie. En te minder als hij uit de achterbuurten komt. Hoe zou dan niet het verschil met de Belgen in het oog springen. Men leeft op de dorpen en de gehuchten min of meer vertrouwd met elkaar, en weinig ontsnapt aan de wederkerige waarneming. Mede daardoor blijkt het grote verschil in levenstoon tussen ons Protestantse Noorden en het Katholieke Zuiden. Hier eenvoud van levenswijze, in voeding, in voeding vooral, maar preciesheid inzake de kleding en woning, wat de huiselijkheid bijzonder bevorderd heeft. Hoe heel anders de Antwerpenaar. Gewend aan lekker eten bekommert hij zich blijkbaar minder om netheid en zindelijkheid van kleding, en woning vooral. Onze vrouwen hebben altijd werk in huis om het er rein en gezellig te maken en leven binnenskamers.
De Belgischen zijn het niet gewend. Vandaar hun leven buiten op straat, in danshuizen en cafés. Het hoort bij hun leven ’s avonds met de man niet thuis te zijn. Wij voor ons zouden het een ramp achten zo onze arbeiders en burgers de levenstoon onzer zuidelijke buren overnamen. Wij wensten dat zij van ons de grote eenvoud, de huiselijkheid en wat deugden we meer bezitten, overnamen.

Protestanten waren in die tijd overigens als de dood dat ‘de’ katholieken (meestal ‘papen’ genoemd) de macht zouden overnemen, zij schilderden katholieken doorgaans af als duivels en waarschuwden voor hun verderfelijke invloed. Het kaartspel, de kroeg, carnaval, allemaal verpaping; zoals wij nu islamisering kennen. Niets is nieuw.

Blijft staan de vraag waarom de Belgen in 1914 ondanks het ‘cultuurverschil’ zonder gemor werden opgevangen, terwijl er nu sprake is van ‘verzet’ tegen het opvangen van vluchtelingen. Is het enkel de mondigheid van de moderne burger die het verschil maakt of is met het verdwijnen van christendom en socialisme ook de vanzelfsprekende solidariteit verdwenen? Is het de leegheid, de angst van de moderne mens die nu de toon zet? Of is die er altijd geweest maar kon het indertijd niet worden getoond?

Wij krijgen nu dagelijks meer informatie over Syrië en de toestanden daar dan de Nederlanders toen over België en de inval door het Duitse en Habsburgse Rijk. Vergroot die hoeveelheid aan informatie de angst voor het vreemde? Of zijn de keuze van informatie en de manier waarop die gebracht wordt de factoren die de angst voor het vreemde aanwakkeren?

So viele Berichte.
So viele Fragen.

Zie voor meer informatie:
De Belgische vluchtelingenstroom in de Eerste Wereldoorlog
Opvang Belgen 1914; interessant beeldmateriaal 

2 gedachten over “Vluchtelingen; de zoete inval van de Belgen”

  1. Over de grote aantallen Belgische vluchtelingen (er waren uiteraard ook veel Walen bij) vernam ik pas werkend aan de biografie van iemand die er twee in huis had.
    Het was een drama/tragedie, maar het nieuws van bijvoorbeeld de verwoesting van Leuven zorgde er wel voor dat er geen bezorgde-burgersverzet was.

  2. Het nieuws over de verwoesting van Aleppo heeft er niet voor gezorgd dat er geen verzet was. Wat wil je eigenlijk zeggen?

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.