Gynaecomastie – een persoonlijk bevrijdingsverhaal over 1968

Hij bevindt zich in het Louvre – stel je voor dat hij in Egypte was gebleven. En de leraar tekenen/kunstbeschouwing was vergeten dat hij de “Egyptische” dia’s al eens vertoond had. “Heb ik die nog niet laten zien?” vroeg hij. Als ik mijn angst zou uiten door te zeggen “ja mijnheer” dan was ik spelbreker geweest voor de rest van de klas. Dus moest ik het gelaten afwachten tot hij weer langskwam. Deze keer ging het niet zonder lawaai. De jongen die de school zou verlaten om trainer te worden bij Ajax riep uit dat ik dat was, die secretaris. Klein gejoel en gelach. Dat was het. Nee, ik ben niet gepest op school verder.
Bij dit opmerkelijke beeld wordt de bijzonderheid dat de secretaris borsten heeft makkelijk onvermeld gelaten. Men ziet ze natuurlijk wel. Als het “naar het leven” gemaakt is weten we dat deze secretaris borsten had. Die had ik dus ook.

*
Op gevorderde leeftijd werd ik getroffen door een ziekte (althans, die werd manifest – in de hete dagen van 2006) die vooral voorkomt bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Niet alleen. Ik heb een lotgenoot van de patiëntenvereniging ontmoet, net nog iets ouder dan ik, die het ook had. En aan zijn mannelijkheid hoefde niet getwijfeld te worden. Maar bij de anamnese bij de voor mij nieuwe internist moest op de een of andere manier wel Die Operatie vermeld worden. Of ik ook groeistrepen had, striae, vroeg hij. Hij had impertinentere vragen die ik niet ga herhalen en waarvan het mij nog steeds stoort dat ik ze zomaar beantwoord heb.
Op mijn verklaring dat het onderzocht was en dat mijn boezem niet endocrien bevonden was lette hij eigenlijk niet. Die striae en de Ziekte van Graves vond hij toch te opmerkelijk. Statistiek is aan medici niet besteed, heb ik vooral in die dagen gemerkt.
Ik weet niet meer wat voor onderzoek er vooraf ging aan de Grote Wandeltocht die ik vervolgens moest maken. Ik moest in beweging blijven. Ik ontdekte op de rand van de Bijlmer een klein natuurmonument, verborgen aan de gemeentegrens met Abcoude, waar ik de tijd volwandelde.
De conclusie van het wandelonderzoek was dat ik toch echt man was. Goh.

*
Niet alleen had ik borsten, in mijn puberteit werd ik ook gezegend met heupen en een fors achterwerk. Reden voor jongens die erg goed in gemestiek waren om mijn mannelijkheid in publiek verder in twijfel te trekken. Maar op het gymnasium, in die tijd althans, maakte je geen grote indruk met goed in gimmestiek zijn en met openbaar geroddel. Dat was min of meer mijn redding. De gimmerds verlieten de school en ik bleef.
En in de tijd voorafgaand aan het examen verdwenen heupen en achterwerk als sneeuw voor de zon. Ik heb daar achteraf een verklaring voor die ik niet in de groep ga gooien. Ik heb het er met die internist ook niet over gehad, hij hoefde niet nog wijzer te worden dan hij zich toch al waande.
Plotseling brak ook het inzicht door bij wiskunde, op de valreep bijna – waar ik altijd vieren kreeg vielen nu de ruim voldoendes. Ik zou niet durven zeggen dat dit ook endocrien was. Misschien toch wel.

Maar of het nu een juiste beslissing was die borsten af te zetten NA mijn schooltijd kan ik nog steeds niet zeggen. Het was niet aan mij om een voorkeur uit te spreken, blijkbaar. Dus kort voordat ik ging studeren was het dan zo ver. Ik liep die eerste weken nog met drain en groot verband rond. Ik vermoed dat dit soort operaties nu minder bloedvergieten vergen, maar ik zal het niet weten.
Gynaecomastie heette de conditie, de operatie mastectomie. Ik had het voorrecht onder behandeling te zijn van de enige androloog van Nederland (gynaecologen zijn er volop, ik heb geen idee of er nu meer zijn of juist helemaal niet, en heb ook geen zin de zoekmachine er op los te laten). Die al constateerde dat het niet endocrien was, dus een spel der natuur.

Was het een ziekte? Eigenlijk niet dus. Ik had ze van jongsafaan. Het maakte wel dat ik mijn lichaam behoorlijk haatte en dat gymnastiek, waar je om eigenlijk onduidelijke redenen bijna nakend moest rondrennen*) – en dan was ik de langste van de klas dus dan moest ik nog voorop ook – een regelmatig terugkerende kwelling was. Goodbye to all that.

Was het een bevrijding? Ja. Tegelijkertijd was ik na de operatie evenwel tijdenlang – niet onverschillig maar ook zeker niet actief op zoek naar de Belangrijke Ander. Daar had de operatie niet in voorzien.
Ik heb geen idee of het hebben van secundaire kenmerken van het andere geslacht je ook een plaats in de lettervermicelli geeft. Ik heb geen ambitie.
Zeker met warm weer zie ik in de stad mannen met wijd open bloezen of helemaal geen bovenkleding lopen die iets vertonen waarvan ik denk: ik ben voor minder behandeld. Maar als ze er geen probleem mee hebben – ik zit niet op hun vertoon te wachten maar het is niet aan mij.
Geliefden vertelden mij dat ze zich juist prettig voelden bij mij omdat ik “niet zo mannelijk” was. Ik heb dat altijd maar als compliment opgevat. Die borsten waren weg, en ik kon er tegen hen rustig over vertellen.

Ik ben benieuwd of ik verhalen of commentaar van lotgenoten kan losmaken hiermee. Maar ik heb geen illusie.

*) Ja, het Griekse woord – maar het gymnasium was ook niet een naaktcamping…

1 gedachte over “Gynaecomastie – een persoonlijk bevrijdingsverhaal over 1968”

  1. Pingback: Geef het niet op | Krapuul

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.