Gedachten, zo oud dat ze altijd nieuw zullen lijken – de dode korrel en de rijke vrucht, 4 (slot)

Felix Ortt en Lod. van Mierop bleven samenwerken in de vorm van een stichting genaamd Chreestarchia (Heerschappij van het moreel beste) in Soest. Het belangrijkste doel van de stichting was het oprichten van een humanitaire school, die nog steeds bestaat. Andere activiteiten waren het bevorderen van geheelonthouding, propaganda voor rein leven (in combinatie met seksuele voorlichting), pleidooien voor vegetarisme, tegen vivisectie en voor dierenbescherming, natuurgeneeskunde en vrijzinnige godsdienstige vorming.

In 1915 was Louis A. Bähler een van de initiatiefnemers voor een manifest dat opriep tot dienstweigering. In een iets afgezwakte vorm werd het door de gehele linkerzijde in Nederland gesteund. Het ondertekenen van het manifest bracht verscheidene leden van de hogere klasse (onder wie nogal wat dominees) in de gevangenis. De kennismaking met het gevangeniswezen bracht religieuze anarchisten Lod. van Mierop, Kees Boeke en Clara Meijer-Wichmann tot de zaak van het abolitionisme. Om een organisatie te hebben werd het Vrije Menschen Verbond opgericht bij het initiatief van het manifest

Dit verbond ging samen met de linkervleugel van de christen-socialisten, die nooit hadden gepast bij de sociaal-democraten, in de Bond van Religieuse Anarcho-Communisten (BRAC) in 1920. In 1932 werd de bond herdoopt in Bond van Anarcho-Socialisten (BAS), die formeel voor iedereen open was maar die een religieuse (naar de eigen spelling) organisatie bleef. De organisatie werd religieus anarchistisch genoemd in plaats van christen-anarchistisch, om te beklemtonen dat zij open stond voor Joden, theosofen en aanhangers van andere geloven en voor niet-religieuze mensen die de doelstellingen onderschreven. Als pacifistische en socialistische beweging ging haar invloed haar ledental – steeds slechts enkele honderden – teboven. Haar tijdschrift, De Vrije Communist, omgedoopt tot Bevrijding in 1923 was in cultureel en politiek opzicht belangrijker dan het lidmaatschap zou doen veronderstellen. De latere Pacifistisch-Socialistische Partij heeft als eerbetoon de naam voor zijn blad overgenomen. Het werd vooral geredigeerd door voormalig dominee Bart de Ligt, met regelmatige bijdragen van Henriëtte Roland Holst.

De Spaanse Burgeroorloog maakte effectief een einde aan de organisatie, doordat er onoverbrugbare tegenstellingen waren over het toestaan van gewapend verzet. Plannen om de organisatie te herstellen werden doorkruist door de Duitse bezetting in 1940.
Georganiseerd religieus anarchisme is na de bezetting niet herleefd in Nederland. Het verhaal van het religieus anarchisme na de bezetting was decennialang dat van enkele personen, zoals Kees Boeke met zijn school De Werkplaats in Bilthoven, Année Rinzes de Jong met zijn Open Religieuze Gemeenschap en managementadviseur en psycholoog Lieuwe Hornstra. En Felix Ortt, een van de oprichters van de Nederlandse christen-anarchistische beweging, bleef – bedroefder en minder voorstander van weerloosheid dan vroeger – actief tot zijn dood in 1959.

Enkele decennia later brachten rooms-katholieken weer wat leven en organisatie in de idee van het christen-anarchisme in Nederland. In 1988 kreeg de Ploegscharenbeweging uit de VS een afdeling in Nederland, evenals de Catholic Worker. Rooms-katholieken waren schaarser geweest dan Joden in de oude beweging. Doordat zowel de Ploegscharenbeweging als de Catholic Worker ontstaan zijn in de Verenigde Staten zou het voor de aanhangers in Nederland kunnen lijken alsof zij een nieuwe, ingevoerde traditie volgen. Maar tenslotte wisten zowel de oprichters van de Catholic Worker als die van de Internationale Broederschap dat zij gedachten verspreidden die (om Peter Maurin te parafraseren) zo oud zijn dat zij altijd nieuw zullen lijken.

Een beperkte bibliografie

Ariëns, Hans, Laurens Berentsen en Frank Hermans. Religieus anarchisme in Nederland tussen 1918 en 1940: in het rijk der vrijheid. Zwolle: SVAG, 1984.
Bähler, Louis A. Het “christelijk” barbarendom in Europa. Boeddhistische zending. Blaricum: De Waelburgh, 1903.
Berg, S. van den. De elevator-kwestie, haar verloop en hare beteekenis voor de arbeiderswereld. Amsterdam: Lodewijk, 1906.
Boersen, Maria W.J.L. De kolonie van de Internationale Broederschap te Blaricum. Blaricum: Historische Kring Blaricum, 1987.
Eeden, Frederik van. De blijde wereld: reden over mensch en maatschappij. Amsterdam, 1903.
Een Hunner [=J.H. François]. Open brief aan hen, die anders zijn dan de anderen. Den Haag: Berkhout, 1915.
Gunning, J. H. Anarchisme. Nijmegen: Ten Hoet, 1895.
Hendrix, Henriëtte. Een week in de Kolonie der Internationale Broederschap te Blaricum. Amsterdam: Cohen, 1901.
Heyting, Lien. De wereld in een dorp: schilders, schrijvers en wereldverbeteraars in Laren en Blaricum, 1880-1920. Amsterdam: Meulenhoff, 1994.
Jochheim, Gernot. Antimilitaristische Aktionstheorie, soziale Revolution und soziale Verteidigung: Zur Entwicklung der Gewaltfreiheitstheorie in der europäischen antimilitaristischen und sozialistischen Bewegung 1890-1940 – unter besonderer Berücksichtigung der Niederlande. Assen etc.: Van Gorcum etc., 1977.
Lindeboom, J. Stiefkinderen van het christendom. ‘s-Gravenhage: Nijhoff, 1929.
Maurin, Peter. Easy Essays. Washington: Rose Hill, 2003.
Ortt, Felix. Het beginsel der liefde. Haarlem: Vrede, 1898.
———. Christelijk anarchisme. Haarlem: Vrede, 1898.
———. Denkbeelden van een christen-anarchist. Den Haag: Vrede, 1900.
———. De vrije mensch — studies. Amersfoort: Vrede, 1904.
Raaij, André de. “‘De gekruisigde communist van Galilea: “anarchisten op de kansel.” Onvoltooid verleden 18.
———. Onze God is een arbeider. Amsterdam: Universiteit van Amsterdam, 1989.
Tolstoj, L.N. Les Temps sont proches. Trad. sur le manuscrit original par P. Boyer et Ch. Salomon. Paris: s.n., 1897.
Wumkes, G.A. Een mysticus uit de Friesche Veenen. Leeuwarden: Friesch Genootschap, 1914.

– Dit is het slot van een lopende serie over het Nederlands christen-anarchisme, een vertaling van een artikel hierover van mijn hand in het boek Religious anarchism.
Voorgaande afleveringen in de serie:

1. Preambule.
2. Wieuwerd en de Labadisten
3. Van Woerdense Verlaat tot en met De Wilp
4. Van de rpfeet van Coevorden tot Tolstoys Naderend Einde
5. Balricum, de ramp maar daar blijft het niet bij.

De noten zijn vanwege de gescheiden plaatsing vervallen.
Dit is het einde van dit verhaal, maar zeker niet van HET verhaal.