Industrial pionier Genesis P-Orridge overleden

“The punk rockers said, ‘Learn three chords and form a band,’ And we thought, Why learn any chords? We wanted to make music like Ford made cars on the industrial belt. Industrial music for industrial people”

Genesis P-Orridge

Genesis P-Orridge, de oprichter van Throbbing Gristle en Psychic TV, is afgelopen zaterdag op 70-jarige leeftijd overleden. Het overlijden komt niet onverwacht, P-Orridge leed al sinds 2017 aan een onbehandelbare vorm van leukemie. 

P-Orridge was dichter, performer, beeldend kunstenaar (ook met het eigen lichaam), occultist en gender non-conformist. Eeuwige roem/beruchtheid verwierf hij/zij (kom ik op terug) zich echter als medeoprichter van Throbbing Gristle, een van de weinige bands die zich erop kan beroemen het aangezicht van de rockmuziek voor altijd veranderd te hebben.

De als Neil Andrew Megson geboren P-Orridge sloot zich eind jaren ’60 aan bij een commune in Londen. Daar ontmoette hij – naast Penny Rimbaud, de latere drummer van de anarchistische punkband Crass – Cosey Fanni Tutti (echte naam: Christine Newby), met wie hij het theater/muziek-gezelschap COUM Transmissions oprichtte. De performances van COUM wekten de nodige opschudding: pornografie, seriemoordenaars en fascisme waren in de vroege jaren ’70 bepaald geen voor de hand liggende thema’s, ook niet in het undergroundcircuit, Medio jaren ’70 werden de performances van COUM steeds extremer. P-Orridge en Cosey hadden seks op het podium en zelfverminking was een vast onderdeel van de show. In 1976 betitelde de conservatieve politicus Nicholas Fairbairn Cosey en P-Orridge tot ‘slopers van de beschaving’ (‘wreckers of civilization’), uiteraard tot grote vreugde van onze beide helden.

In 1975 richten P-Orridge en Cosey Throbbing Gristle op om hun frontale aanval op maatschappelijke taboes ook muzikaal (meer) vorm te geven. Dat niemand een instrument beheerste gold als een voordeel.

Het geluid van het vroege Throbbing Gristle was volstrekt uniek, de band kan gelden als de grondlegger van het industrial genre. Op haar best was Throbbing Gristle duister en beklemmend als geen enkele band vóór of ná haar. Very Friendly – over de seriemoordenaars Myra Hindley en Ian Brady – jaagt me nog steeds de rillingen over de rug. De wijze waarop de band de confrontatie zocht werd niet altijd gewaardeerd: concerten van Throbbing Gristle eindigden met enige regelmaat in een knokpartij met het aanwezige publiek.

Ondanks – of juist dankzij – het bovenstaande kreeg TG steeds meer erkenning en – ‘belangrijker – een fanatieke cultaanhang. Niet alle leden van de band waren daar even blij mee, maar Genesis P-Orridge ontpopte zich als een eersteklas volksmenner die probeerde de aanhang in een paramilitaire sekte te veranderen.

Het ongenoegen van de andere leden van de band leidde ertoe dat TG in 1981 de geest gaf. Tussen Tutti en P-Orridge is het – ondanks een reünie – daarna nooit meer echt goed gekomen. Tutti beschuldigde P-Orridge van manipulatie en heeft zelfs geen tweet gewijd aan het overlijden van haar vroegere partner. P-Orridge op zijn/haar beurt claimde de enige creatieve kracht in de band te zijn geweest en betitelde de anderen als “parasitic bastards”.

Na het overlijden van TG richtte P-Orridge samen met John Balance en Peter Christopherson Psychic TV op, een band die door P-Orridge werd gezien als de ‘muzikale arm’ van haar/zijn occulte project Thee Temple Ov Psychick Youth. Het werk van Psychic TV is heel wat toegankelijker dan dat van TG en neigt soms zelfs naar romantische folk.

Overigens was ook deze samenwerking geen lang leven beschoren. Christopherson en Balance hadden al snel genoeg van de onaangename wijze waarop P-Orridge de band domineerde en richten het voor undergroundbegrippen uiterst succesvolle Coil op, Muzikaal was P-Orridge daarna de weg wel wat kwijt: de experimenten met psychedelische muziek en acid house variëren van ‘charmant’ tot ‘tenenkrommend’.

P-Orridge zelf raakte in de vroege jaren ’90 flink in de problemen toen de jarenlange flirt met occultisme zich tegen haar/hem keerde. In een bizarre, door een groep christenfundi’s gemaakte documentaire voor Channel Four, werd P-Orridge beschuldigd van satanisch ritueel misbruik. Het was al snel duidelijk dat de beschuldigingen vals waren, maar P-Orridge zag zich gedwongen uit te wijken naar New York.

In New York stortte P-Orridge – in wezen altijd een conceptueel kunstenaar gebleven – zich samen met partner Jacqueline Breyer op een nieuw project, “pandrogeny”, een poging “to break down the limitations of biological sex and express their unconditional love for each other”. Om het “verschil tussen de seksen uit te wissen”, besteedde het duo naar verluid in totaal voor ruim twee ton aan plastische chirurgie. P-Orridge omschreef zichzelf als behorende tot “de derde sekse”, nóch man, nóch vrouw. Het eigen lichaam blijkt daarmee het laatste kunstwerk van Genesis P-Orridge te zijn geweest.

Hoe Genesis P-Orridge als persoon beoordeeld moet worden, kan misschien beter in het midden gelaten worden. Uit interviews met Cosey Fanni Tutti komt een beeld naar voren van een sadistische manipulator die graag met andermens’ veren pronkte.

Over de muzikale erfenis daarentegen kan geen twijfel bestaan. Zonder Genesis P-Orridge geen Throbbing Gristle. Zonder Throbbing Gristle geen Coil, Cabaret Voltaire, Foetus, Current93, Nurse With Wound en Einstürzende Neubauten.

Arnolds favoriete track van Genesis P-Orridge, een ode aan Brian Jones:

Mijn favoriete track. De meest beklemmende song die ik ken:

Uitgelichte afbeelding: By Seth Tisue – Image on Flickr, CC BY-SA 2.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=22689473