Northern Soulklassieker du jour: I’ll do anything he wants me to do

Een mij dierbare zangeres sinds 1964 AD met een typerend Northern Soulnummer. Doris Troy 1966.

Een Kenny Gamble, Leon Huff & Doris Troy-compositie. Veel beter kun je het niet krijgen.
Maar voor Northern Souldeejays was en is het een sport stompers te zoeken die het goed doen op de vloer en die men toch niet kent. Nieuwe (in de zin van onbekend) nummers of onbekende versies van al beproefde nummers. In de Britse clubs heeft men de gewoonte nummers af- of aan te kondigen. Russ Winstanley, een van de vaste deejays van het legendarische Wigan Casino vond deze track uit 1970 en kondigde hem aan als gezongen door Lenny Gamble. Lenny, niet Kenny. Voelt u hem?

Het werd zowaar op single uitgebracht en een succes in de scene, tot jolijt van de zanger, de strontvervelende en erg op zichzelf en hits hits hits ingestelde Tony Blackburn. Die ook niet had gedacht in een undergroundscene te kunnen slagen.
Ik zou dit tamelijk gênante geval niet opgezet hebben als de BBC hem dezer dagen niet op de keien geslingerd had na bijna vijftig jaar dienst, omdat hij niet het gewenste verhaal vertelt over de doofpot rond Jimmy Savile.
En zo ben ik dan ook wel weer: een zeikdeejay die zich vergreep aan prachtige nummers om ze zelf op de plaat te zetten, maar die na zoveel jaar bezwadderd wordt om de grote vriend van Thatcher en de koningin uit de wind te houden en de corrupte cultuur bij de BBC zelf, dat wens ik hem niet toe. Dus: Tony Blackburn met zijn coverversie. Dansen maar.