De Nederlandse strategische industrie komt losser van Duitsland

Strategische industrie die wordt uitverkocht – het zegt iets over de soevereiniteit van een land waarvan de machinale ministers het eerlijke, sterke en sociale verhaal toeblaffen aan de nog minder soevereinen.
De Hoogovens werden half Duits en zijn nu geheel Indiaas maar staan daar nog steeds de duinen te vervuilen. Fokker was al samengegaan met Vereinigte Flugzeugwerke maar die hebben het ook weer opgegeven. Daarna kwam het al in Britse handen maar die lieten het weer los.
Moet er een soort vaderlands sentiment opgesnikt worden over een “bedrijf” dat zoveel bijdragen van de belastingbetaler (laat ik het taalgebruik ook eens hanteren) heeft geïncasseerd, en dat al vele jaren niet meer “Nederlands” was?

Als ooit-economisch onderzoeker vind ik het interessant te constateren dat de economische en bijbehorende politieke verknoping met Duitsland in het geval van beide voorbeelden plaatsmaakt voor binding aan het Britse imperium (waarvan India toch nog steeds een onderdeel mag heten). Het sluit aan bij de behoefte van het regime het Nederlands in het onderwijs te vervangen door gestuntel in “Engels” en bij de wel erg “Atlantische” oriëntatie van het buitenlands beleid.
Fokker is weer eens overgenomen, nu door een Britse wapenfabriek.
Laat de krokodillen wenen.